Filosofie in de morgen

 

Om 05.30 uur rol ik met het enthousiasme van een natte dweil uit bed. Fred staat alweer te blèren alsof hij de directeur van de firma BuitenluchtBV is en ik zijn onderbetaalde hulpje. Het is grijs, het is koud, en mijn humeur doet gezellig mee. Wat een gedoe allemaal.

Midden in mijn chagrijn plopt ineens een citaat op dat ik ooit las: 

“Zolang je nog geïrriteerd kunt raken, kun je er zeker van zijn dat iets je gaat irriteren.” 

Nou, bedankt hoor, universum, precies wat ik nodig had: filosofie vóór zonsopkomst.

Maar goed…ik denk toch wat is die irritatie eigenlijk? Waar gaat dit over? Wat probeer ik weg te stoppen? Dat ik me gekwetst voel? Dat ik me klein en onzichtbaar voel als iemand me negeert of kleiner maakt? Wie voelt dat eigenlijk? Wie verzint al die dramatische gedachten en Oscarwaardige innerlijke monologen? En dan hoor ik haar weer: dat kleine, gekwetste meisje dat roept, “Laat me met rust!” Alsof ze in een slechte soap speelt. Maar zodra ik een stap achteruit doe — uit haar mini-drama, uit dat benauwde gevoel — gebeurt er iets.

Heel even, héél even, is er gewoon… nu.

En Fred. Die nog steeds naar buiten wil.

Blijf zacht óók als je geirriteerd bent

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Laat hier een berichtje achter: