Hoe wonderlijk is het eigenlijk dat een oeroud ritueel van farao’s, geesten en maanoffers uiteindelijk heeft geleid tot… slingers van de HEMA en een plakje cake met koffie.
Soms vraag ik mij ineens iets af.
Gisteravond bijvoorbeeld. Manlief en ik hadden zomaar — zoals wel vaker — een gesprekje over van alles en nog wat. Hoe we erop kwamen weet ik niet meer, maar op een gegeven moment hadden we het over verjaardagen. Manlief en ik vieren onze verjaardag eigenlijk niet meer.
Men vond onze verjaardag in het verleden niet belangrijk genoeg en daarom zijn we maar helemaal gestopt met een feestje organiseren. (Dat klinkt zieliger dan het is hoor) We hebben ons erbij neergelegd.
Maar eigenlijk is het best gek dat wij in Nederland duidelijk verjaardag zeggen, terwijl Duitsers en Engelsen het - vertaald - hebben over een geboortedag.
En dan plopt er een vraag op die wat mij betreft nader onderzoek verdient:
Waar komt de term “verjaardag” eigenlijk vandaan?
Heb je je ooit afgevraagd wat je nou precies viert op je verjaardag? Je geboortedag? Dat je weer een jaar dichter bij een rollator bent? Of gewoon een sociaal geaccepteerde reden om taart te eten vóór 12:00?
Het antwoord hangt af van waar je woont — én van duizenden jaren aan tradities.
Het mooie is dat zowel kaarsjes uitblazen als zingen oeroude rituelen zijn die we tegenwoordig heel vanzelfsprekend vinden, maar die ooit diepe symbolische betekenissen hadden. Ze komen uit een mix van magie, religie, psychologie en sociale traditie.
In Nederland vieren we vooral dat de tijd genadeloos verder tikt.
We zeggen dingen als “je wordt 30” of “je bent weer een jaar ouder”. De nadruk ligt dus op het ouder worden, niet op de geboorte zelf. Gezellig,............. toch?
In Zuid-Europa, Amerika en Azië vieren ze juist je geboorte. Daar is het meer: “Hoera, je bent op deze dag op aarde gedropt!”
Bij ons is het eerder: “Sterkte, er is weer een jaar voorbij.”
De geschiedenis van verjaardagen is verrassend rijk en veel ouder dan de meeste mensen denken. Het is eigenlijk een verhaal over religie, macht, astrologie, angst voor geesten én… taart.
De eerste verjaardagen waren niet voor gewone mensen
In het Oude Egypte (ca. 3000 v.Chr.) vierde de farao niet zijn geboorte, maar zijn kroning. Men geloofde dat hij op dat moment “geboren werd als god”. Dat was dus de eerste vorm van een verjaardag: een ritueel van status en goddelijkheid.
In het Oude Perzië stonden ze bekend om hun grote verjaardagsfeesten voor koningen en edelen. Volgens Herodotus (Euhhhh… wie?) kregen de rijken enorme banketten op hun geboortedag.
Verjaardagen zijn dus eigenlijk begonnen als een elitefeest.
In veel oude culturen geloofde men dat op de dag van je geboorte boze geesten extra actief waren. Daarom kwamen mensen samen om je te beschermen: ze maakten lawaai (muziek, klappen, roepen) en brachten offers of gaven geschenken om de geesten gunstig te stemmen.
Een soort ouderwetse visite, *lang zal ze leven* zingen en cadeautjes geven. Het idee was: hoe meer mensen en lawaai, hoe veiliger je bent.
De Grieken brachten offers aan Artemis, de godin van de maan. Ze maakten ronde taarten (als de maan) en zetten er brandende kaarsen op.
De rook van net uitgeblazen kaarsen bracht wensen naar de goden en het licht hield kwade geesten weg. Dit lijkt sterk op onze moderne verjaardagstaart.
De Romeinen vierden de eerste echte verjaardagen voor 'gewone' mensen. Ze vierden de verjaardagen van mannen (vrouwen kwamen pas veel later — hebben wij weer) en de stichting van Rome werd als verjaardag van de staat gevierd. Ze gaven cadeaus, hielden feesten en schreven verjaardagen op in kalenders.
Christenen zagen verjaardagen eerst als heidens vanwege astrologie en afgoderij. Pas toen de kerk heiligendagen ging vieren en de geboorte van Jezus een feestdag werd (Kerstmis), begonnen verjaardagen langzaam geaccepteerd te raken. Vanaf de middeleeuwen werd het steeds normaler om iemands verjaar- of geboortedag te vieren.
In de 18e eeuw ontstond in Duitsland het *Kinderfest*: een speciaal verjaardagsfeest voor kinderen, mét taart, kaarsjes uitblazen en een wens doen. Dit is de directe voorloper van de verjaardag zoals wij die nu kennen.
Vanaf de 19e en 20e eeuw kregen mensen meer vrije tijd, meer geld en verspreidden westerse gebruiken zich wereldwijd. Zo werd de verjaardag een universeel ritueel — al blijft de betekenis per cultuur verschillen.
Dus wanneer je voortaan je verjaardag of je geboortedag viert, denk dan eens aan…
...hoe je eigenlijk deelneemt aan een eeuwenoude mix van magie, mythologie, cultuur, taart, en een vleugje existentiële paniek — en dat allemaal omdat iemand ooit besloot dat jij geboren moest worden.
Misschien moeten manlief en ik het maar weer gewoon gaan vieren. Met z'n tweetjes. Lekker knus. Voor de traditie.
***********
En als je denkt dat je klaar bent met nadenken over verjaardagen, geef ik je op de valreep nog even een kleine taalkundige wereldreis:
Engels & Duits: Die zeggen gewoon: geboortedag. Nuchter, duidelijk, geen poespas. Alsof ze willen zeggen: “Je bent er ooit uitgekomen, dat vieren we. Punt.”
Frans & Portugees: Anniversaire en aniversário: Klinkt meteen alsof je een glas champagne hoort knallen. Zij herdenken je bestaan alsof je een kleine nationale feestdag bent.
Spaans & Italiaans: Cumpleaños en compleanno: Je “volmaakt” weer een jaar. Alsof je een soort menselijke jaargang wijn bent die elk jaar net iets beter moet worden.
Scandinavië: Födelsedag, fødselsdag, syntymäpäivä: Allemaal varianten op: “Je bent geboren. Gefeliciteerd. Neem een koekje.” Praktisch volk.
Centraal- en Oost‑Europa: Urodziny, narozeniny, születésnap: Geboortedag, maar dan met meer medeklinkers dan je mond aankan. Warm, maar stevig.
Turks, Arabisch, Hindi, Japans, Koreaans, Swahili, Indonesisch: Allemaal varianten op: dag van geboorte. Heel eerlijk, heel direct. Alsof ze zeggen: “We vieren dat je er bent. Dat is genoeg.”
En wij, Nederlanders?
Wij vieren dat je “verjaart”. Alsof je een kaas bent.
Blijf zacht.
