Hannah, mijn zielsmaatje met snorharen

Hannah is geen gewone poes. Ze is mijn zielsmaatje in vacht, mijn dagelijkse cadeautje, mijn zenmeester op pootjes. Terwijl andere katten gewoon lopen, zweeft zij door mijn leven alsof ze een persoonlijke wolk heeft besteld bij de klantenservice van het universum. Altijd zacht, altijd aanwezig, altijd 100% zichzelf — iets waar ik nog regelmatig een cursus voor zou kunnen gebruiken.

Met die grote, onverstoorbare ogen kijkt ze me aan alsof ze precies weet hoe het zit met het leven. En eerlijk: soms geloof ik haar. Ze vraagt nooit iets, maar geeft ondertussen alles. Geen woorden, geen drama, geen voorwaarden. Alleen maar… Hannah. En dat blijkt verrassend genoeg meer dan genoeg.

In haar buurt valt alle ruis stil. De wereld wordt helder, kalm, liefdevol — en soms ook een beetje harig, maar dat neem ik voor lief. Haar trouw is geen toneelstukje; ze speelt geen rol. Ze is gewoon. Een zachte motor van waarheid, spinnend in de ruimte tussen mijn hart en haar stille aanwezigheid.

Hannah is geen huisdier. 

Ze is een stille kracht.

Een stukje hemel in kattenvorm.

En ik ben elke dag dankbaar dat ze hier woont — of nou ja, dat ik in haar huis mag verblijven.

En geloof me: ze heeft het hier uitstekend naar haar zin. Af en toe jaagt ze de jongens door het huis, puur voor de sport. Zij vindt dat een fantastisch spelletje; zij iets minder. Maar zodra ze besluiten dat het genoeg is geweest, krijgt ze haar plagerijtjes keurig terugbetaald. En dat accepteert ze dan weer met de waardigheid van een kleine, harige monnik. Want verder? Verder kan ze prima met ze opschieten hoor. Zolang iedereen maar begrijpt dat zij de spirituele leider van het stel is.

Blijf zacht als Hannah




Mijn brein, de tijd en ik

 

Eigenlijk ben ik helemaal niet zo’n bangerik. Tenminste… dat dénk ik. Ik heb gewoon een hele lijst dingen die ik nog nooit gedaan heb en waarschijnlijk ook nooit ga doen. Dat is geen angst, dat is efficiëntie. Waarom zou ik bijvoorbeeld gaan bungeejumpen als ik ook gewoon op de bank kan zitten met een kop koffie en een kat op schoot?

Vroeger vond ik vliegen doodeng. Tegenwoordig stap ik niet in een vliegtuig vanwege het milieu. Dat klinkt een stuk heroïscher dan “ik durf niet”, dus die houden we erin. En spinnen? Ooit vond ik ze griezelig, maar inmiddels pak ik ze op alsof ik Dr. Dolittle ben. Huisspinnen krijgen zelfs een VIP-transport naar buiten of, als het een echte huisspin is, een plekje in de kelderkast. Het beestje moet tenslotte óók ergens wonen.

Bang voor de dood ben ik ook niet. Begrijp me niet verkeerd: doodgaan staat absoluut niet op mijn to-do-lijst. Ik heb het veel te gezellig hier. Manlief, kleinkinderen, kattenpoezennelletjes… ik ben nog lang niet uitgekeken. Maar de dood zelf? Nee hoor, die vind ik niet eng.

Waar ik wél bang voor ben? Mijn geheugen verliezen. Dat ik straks mensen niet meer herken. Of dat ik ineens niet meer weet hoe mijn schoenen aan moeten — en geloof me, met veters kan het nu al een uitdaging zijn.

Daarom doe ik elke ochtend een geheugenspelletje op de computer. In de hoop dat mijn hersenpan een beetje in vorm blijft. Het helpt in elk geval mijn langetermijngeheugen: ik weet nog precies wat ik vroeger allemaal vergat. Mijn kortetermijngeheugen… tja. Dat is tegenwoordig soms op vakantie. Leeftijd, denk ik. En medicatie. Een gezellige samenwerking.

Natuurlijk helpt een gezonde leefstijl ook. Zeggen ze. Genoeg slapen, genoeg bewegen, genoeg eten. Maar hoe dan? Ik heb niet zoveel trek meer, bewegen doet soms pijn en slapen… mijn lijf heeft daar zo zijn eigen ideeën over. En dan dat koude weer. Mijn lichaam schreeuwt om zon en warmte. Soms vraag ik me af of ik niet per ongeluk in het verkeerde land ben geboren.

Stress vermijden lukt me gelukkig wél. Dat is dan weer een voordeel van ouder worden: je leert steeds beter wat de moeite waard is om je druk over te maken. En dat is bijna niets.

Naarmate ik ouder word, is de kans dat ik dingen vergeet natuurlijk groter. Dat hoort erbij. Maar als ik er een irrationele angst van maak, dan beperkt dat mijn leven meer dan welk vergeten woordje ook. Dus ik blijf mijn hersenspelletje doen, ik lees, ik schrijf, ik blijf bezig. (voor zover mogelijk)

En zodra de zon weer terugkomt — want dat doet ze altijd — komt het met de beweging en de eetlust vast ook weer goed. Mijn lijf en ik zijn tenslotte al jaren samen; we vinden elkaar altijd weer terug.

Blijf zacht voor jezelf