Hoe het allemaal begon: met krabbels in de kantlijn

Tekenen en mooi schrijven… daar is het voor mij allemaal mee begonnen. Als kind vulde ik mijn schriften vooral met tekeningen. De schoolopgaven? Die kregen hooguit een klein hoekje. Prioriteiten. En als ik dan moest schrijven, dan wel in mijn allermooiste handschrift. Je weet wel, zo’n handschrift waarvan je juf dacht: “Leuk, maar had je ook nog tijd om de sommen te maken?”

Schilderen kwam pas veel later. Ik was namelijk nooit zo’n held met verf. Het werd al snel een soort abstracte kliederkunst waar zelfs Picasso zijn wenkbrauwen bij zou optrekken. Maar een paar jaar geleden sloot ik me aan bij een gezellig cluppie. Een groepje amateurs — meestal de wat oudere garde, ik was steevast het jonkie — dat wekelijks samenkwam om te schilderen.

Er was altijd een begeleidster aanwezig, een dame met een indrukwekkende schilderscarrière achter de rug. Zij gaf tips, moedigde aan en tekende voor wie dat zelf niet kon. Ik kwam in eerste instantie vooral voor de gezelligheid en deed meestal mijn eigen ding. Maar omdat ik altijd tekende, en schilderen eigenlijk precies andersom werkt, had ik af en toe toch wat hulp nodig.

Bij schilderen begin je namelijk met de achtergrond en werk je naar voren toe. Bij tekenen doe ik precies het tegenovergestelde: eerst het hoofdonderwerp, dan de rest, en de achtergrond komt pas als ik er zin in heb. Eenvoudiger kan ik het niet uitleggen.

Een tekening maak ik meestal in een week. Een schilderij… tja, dat vraagt iets meer geduld. En laat dat nou net niet mijn sterkste kant zijn.

Het schilderij waar ik het meest trots op ben

In dat cluppie maakte ik meerdere schilderijen, maar mijn favoriet is het werk dat ik in 2020 maakte voor de verjaardag van manlief. Ik deed er vijf maanden over — vijf! Voor mij was dat een soort monniksoefening in geduld. Maar het is gelukt, en nu hangt het trots in onze woonkamer. Manlief blij, ik blij. En nee, het is geen Picasso of Rembrandt, maar hé, het is wél van mij.

Tijd voor een creatieve comeback

De afgelopen maanden lag het tekenen en schilderen een beetje stil. Ik was vooral bezig met leren en schrijven. Maar gisteren heb ik mijn hoekje van de hobbykamer opgeruimd en klaargemaakt voor nieuw teken- en schilderwerk. Want ik heb een plan: ik wil alle AI-illustraties op mijn blog vervangen door mijn eigen werk.

Toen ik zag dat ik inmiddels ruim 80 posts heb, moest ik wel even slikken. Dat wordt dus een flinke klus. En als ik bij elke nieuwe post óók nog een tekening of schilderij wil maken, dan ben ik voorlopig wel even zoet.

Ik begin met het schilderij dat ik voor manlief maakte. Daarna zien we wel weer. Heel veel nieuwe schilderijen zullen er trouwens niet komen, want op zolder staat al een hele collectie te verstoffen. Ik kan moeilijk het hele huis volhangen. Bovendien moet er ook nog ruimte overblijven voor de hobby van manlief (daarover later meer) én voor ons — en de katjes — om een beetje normaal te kunnen leven.

En zo staat mijn schilder- en tekenhoekje weer klaar om nieuw leven ingeblazen te worden. Geen grootse kunstambities, geen museale dromen — gewoon ik, mijn potloden, mijn verf, met geduld (hopelijk) en een flinke dosis plezier. En met een huis dat langzaam verandert in een mini-galerie. Ik ga weer aan de slag. Op naar de volgende creatieve ronde.

Gelukkig heeft manlief geen grootse plannen om curator te worden.


Blijf zacht