Begrijp me niet verkeerd: ik geniet van dat jong. Helemaal van de uitspraken die hij soms doet — echt hilarisch.
Twee voorbeelden van kleine gesprekjes tussen opa en kleinzoon:
Kleinzoon: “Nou, met school ben ik wel klaar.”
Opa: “Oh ja, waarom dan?”
Kleinzoon: “Omdat het daar zooooo ontiegelijk saaaiiii is.”
Even later:
Kleinzoon: “De muziek die mijn broer draait is echt hard.”
Opa: “Dan kun je hem beter waarschuwen. Dat is niet goed voor zijn oren. Dan wordt hij doof.”
Kleinzoon: “Tja, karma!”
Ik ga zowat stuk als ik hem die uitspraken hoor doen.
Maar vroeg in de ochtend mag het van mij allemaal wat zachter en wat minder. Maar ja, je bent pas negen, en hebt bovendien al allerlei diagnoses aan je kont hangen. Blijf daar maar eens rustig bij.
Gisteravond is hij met opa begonnen aan een puzzel. Een flinke uitdaging, want het is niet alleen 500 stukjes — de puzzel is ook nog eens rond. Nu zit hij aan tafel en probeert de draad weer op te pakken. Het is een moeilijke puzzel, zegt hij. Maar mijn voorstel om dan maar beter op opa te wachten, slaat hij resoluut af. “Nee oma, ik geef nooit op.”
Tien minuten later staat hij alweer in de tuin, met zijn bakje, beestjes te vangen. Elk beestje wordt eerst zorgvuldig bekeken. Er worden vragen gesteld die we samen opzoeken, en dan gaat hij op zoek naar het volgende exemplaar. Het is verbazingwekkend hoe behendig hij daarin is geworden. Nou ja — geworden? Volgens mij is hij met deze skills, zoals hij ze zelf noemt, geboren.
Over zijn voetbal kan hij zeer geanimeerd praten. Wat hem betreft is hij makkelijk te vergelijken met een Messi of Ronaldo. Zó goed is hij. De jongens uit alle andere teams zijn niets vergeleken bij hem. Aan zelfvertrouwen geen gebrek. Ik luister aandachtig naar zijn verhalen. Heerlijk hoe zo’n brein werkt.
Nu zit ik hier en kijk naar hem terwijl hij tussen de planten scharrelt. Elk takje, elk blaadje wordt zorgvuldig onderzocht. Een halve eeuw moet hij nog leven wil hij zo oud worden als ik nu ben. En ik hoop dat hij, ook als hij allang groter is dan ik, blijft doen wat hij nu doet: kijken, vragen, ontdekken — en de wereld elke dag een beetje opnieuw uitvinden.
Er staan hem nog genoeg levenslessen te wachten — maar als hij ze net zo luid, eigenwijs en onbevangen tegemoet treedt als nu, dan redt hij zich wel. Zelfs zonder volumeknop.
Blijf zacht
