We hadden een logé. Negen jaar is hij. Een schat van een jong, echt waar. Maar ook eentje die soms dingen doet waarvan mijn wenkbrauwen spontaan in de stand “pardon?” schieten. Hij maakt parfumflesjes leeg, snuffelt in kasten, pikt kleine dingetjes. En het allerlastigste: hij ontkent het vervolgens met de overtuiging van een doorgewinterde spion. Terwijl wij normaal met z’n tweeën zijn en geen enkele reden hebben om parfum te drinken of kleinoodjes te verstoppen.
Ik probeer hem te vertrouwen, maar dat schuurt soms. En als er al iets schuurt, dan bij mij — niet bij hem. Want een negenjarige heeft een brein dat 24/7 in de turbo‑stand staat. Zijn innerlijke wereld groeit sneller dan zijn vermogen om die wereld te managen.
Kinderen van die leeftijd willen dingen zélf doen, zonder dat er door betwetende volwassenen over hun schouders wordt gekeken. Ze weten heus wel wat mag en niet mag, maar de spanning tussen verlangen en regels kunnen ze domweg nog niet goed dragen.
En denken in “stoppen en eerst nadenken”? Dat is op die leeftijd een luxeproduct. Als iets interessant is — een flesje, een kast, een geur — wint de impuls het glansrijk van het verstand.
Omdat ze zo gevoelig zijn voor falen, verstoppen ze dingen waarvan ze denken dat een volwassene het afkeurt. Niet om lastig te zijn, maar omdat ze de wereld willen begrijpen. Hoe werkt iets? Wat kun je ermee? En hoewel het soms voelt alsof híj stiekem is, is het eigenlijk een gezonde stap richting een eigen identiteit.
Dat neemt niet weg dat jouw gevoel van veiligheid geraakt wordt wanneer er iets weg, stuk of verstopt is. Begrip betekent niet dat je alles maar moet accepteren. Ook een duidelijke grens is een vorm van liefde.
We hebben samen onderzocht wat spannend voor hem is en wat de regels zijn. Niet zomaar in onze kasten — dat is privé. Ben je nieuwsgierig, dan kun je dat gewoon vragen. Je krijgt misschien niet altijd het antwoord dat je graag wil, maar zo zijn onze regels.
Het hoeft geen strijd te worden. Je kunt rustig benoemen wat je ziet: “Ik zie dat je dit verstopt hebt. Vond je het lastig om te vragen?” Zo laat je merken dat fouten niet gevaarlijk zijn. Je bent duidelijk, maar niet beschuldigend. De vraag “Wat maakte dat je het verstopte?” opent meer dan “Waarom doe je dit?!”
Wat we moeten beseffen, is dat dit de eerste keer is dat ze een innerlijk leven ontdekken dat niet automatisch gedeeld wordt met volwassenen. Dat is rete‑spannend en voelt enorm krachtig. Voor ons lijkt het stiekem, maar voor een negenjarige is het een oefening in Ik worden.
Kinderen die stiekem doen, raken vaak precies die plekken waar volwassenen kwetsbaar zijn: orde, voorspelbaarheid, privacy, controle. Dat we daar een beetje kriegelig van worden, is niet verkeerd — het betekent alleen dat we zelf ook nog iets te leren hebben.
Dat is denk ik de grootste ontdekking van deze logeerpartij: dat hij oefent in Ik worden, terwijl ik oefen in volwassen blijven.
Blijf zacht

Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Laat hier een berichtje achter: