Denk Vooruit? Denk Even Na (Zelfredzaam, het nieuwe toverwoord)

De overheid vindt dat we ons moeten voorbereiden op 72 uur totale chaos. Wij vinden vooral dat de overheid eens moet voorbereiden dat wij geen kelder, geen duizend euro en geen zin hebben in een privé-survivalshow. Dit is ons verslag van wat er gebeurt als gewone mensen proberen wijs te worden uit een campagne die meer weg heeft van een rampenfilm dan van beleid.

Wij zijn normaal niet zo van de politieke statements, maar soms duwt de overheid ons zó hard richting de meningenbak dat we er met z’n tweeën pardoes in vallen. En dit keer is het raak.

De regering denkt namelijk dat ze klaar zijn met een beetje angstzaaierij en een paar foldertjes bij de supermarkt. Denk Vooruit, heet de campagne. Wij denken vooral: Denk Even Na.


De Apocalyps volgens de Overheid

We hebben allemaal die enge tv-spot gezien. Mama in de supermarkt, licht valt uit, thuis alleen kaarslicht… Het lijkt op een kruising tussen een rampenfilm en een reclame voor waxinelichtjes. De boodschap:

“Succes ermee, burgers. Red jezelf maar 72 uur lang. Met je eigen spullen. En je eigen geld. En je eigen kelder.”

Dus wij dachten: laten we eens optellen wat we volgens de overheid allemaal in huis moeten hebben.

Water: Een mens heeft gemiddeld 35 liter water per dag nodig. Met ons tweeën is dat 210 liter voor drie dagen. Dat zijn 21 jerrycans van tien liter. Die moeten we dus NU vullen en ergens kwijt kunnen. Wij hebben niet eens plek voor 21 lege jerrycans, laat staan gevulde.

Koken: Een primusbrander. Of campinggas. Of allebei. Plus lucifers. En een klassieke blikopener, want zonder dat ding sta je machteloos tegenover je eigen voorraad bruine bonen.

Voedsel: Blikgroenten. Rijst. Dingen die diertjes aantrekken als je ze niet regelmatig controleert. Kortom: we worden ineens fulltime voorraadbeheerder.

Licht en geluid: Honderd kaarsen, zaklampen, batterijen, een opwindradio. We zijn praktisch een middeleeuwse scoutinggroep geworden.

Zelfverdediging: Stevige messen, schroevendraaiers, een honkbalknuppel. Niet per se tegen plunderaars hoor, maar je weet maar nooit wat die vervelende, hongerige buren in crisistijd bedenken.

En dan hebben we het nog niet eens over de rugzakken en tentjes voor als we moeten vluchten. Want dat kan natuurlijk ook nog.

De Rekening:

Alleen al die jerrycans kosten snel zo'n tweehonderd euro. Tel daar de rest bij op en je zit zo aan een kleine duizend euro. Voor drie dagen overleven. Drie!

Je zal maar alleenstaande bijstandsmoeder van twee zijn — die heeft wel andere dingen aan haar hoofd dan een mini-bunker inrichten.

Maar Den Haag denkt dat het genoeg is om ons bang te maken en een folderrek neer te zetten bij de gemeente. Want burgers horen zelfredzaam te zijn. Dat is het nieuwe toverwoord.

De Inventarisatie van de Paniek

Wij begonnen heel braaf met een lijstje. Gewoon op papier, want dat voelt toch serieuzer dan een notitie in je telefoon.

Water: 210 liter - Voedsel: houdbaar, stapelbaar, liefst zonder diertjes - Kooktoestel: iets dat niet ontploft - Licht: kaarsen, zaklampen, batterijen - Radio: eentje die je moet opwinden alsof je een ouderwetse wekker bedient - Zelfverdediging: messen, schroevendraaiers, honkbalknuppel - Medicijnen: verband, paracetamol en alles wat je normaal pas koopt als je het nodig hebt

We keken naar dat lijstje. Het lijstje keek terug. En wij dachten: Waar moeten we dit in vredesnaam laten?

Onze woning is geen bunker. Het is geen opslagloods. Het is geen survivalwinkel.

We hebben een kast waar nu al te veel in staat. Een keukenlade die weigert nog één luciferdoosje te accepteren.

Een zolder die vooral fungeert als museum van dingen die we ooit nog eens dachten te gebruiken.

En een kelderkast die al uitpuilt van spullen die er eigenlijk niet eens in mogen staan.

En dan zouden we daar ineens een mini-oorlogsrantsoen moeten opslaan?


De Mentale Voorbereiding

We kwamen tot de conclusie dat de overheid vooral één ding van ons vraagt:

dat we onszelf een schuldgevoel aanpraten omdat we niet klaar zijn voor de apocalyps.

Want als het ooit misgaat, dan kunnen ze zeggen:

“Ja, maar we hebben het toch gezegd? Foldertje, website, spotje. Had je maar 210 liter water moeten hebben.”

Wij zien het al voor ons:

Wij staan daar dan, met onze drie flessen spa rood en een half pak rijst, terwijl de rest van de straat met jerrycans zwaait alsof ze auditie doen voor een survivalshow.

Wat is noodzaak — en wat is overheidsfantasie?

We besloten onderscheid te maken.

Dingen die we wél begrijpen

Water, Eten, Medicijnen, Zaklamp, Kaarsen 

Dingen waarvan we denken: oké, misschien

Een opwindradio, Een kooktoestel dat niet ontploft

Dingen waarvan we denken: dit is overheidsfantasie

Honderd kaarsen — alsof we een abdij runnen, Stevige messen en schroevendraaiers voor ‘noodsituaties’, Een honkbalknuppel — want tja, die buurman hè, Rugzakken en tentjes voor als we moeten vluchten — waarheen precies? De Hoge Veluwe?

Op dit punt realiseerden wij ons: dit is geen noodpakket meer, dit is een lifestyle. Een hobby. Een fulltime project.

De Grote Vraag

Moeten burgers zich voorbereiden op een ramp, of moet de overheid zorgen dat een ramp niet meteen een persoonlijke survivalshow wordt?

Want als je burgers vraagt om voor duizend euro aan spullen in te slaan, dan is dat geen zelfredzaamheid meer. Dat is afschuiven.

Waarom zaait de overheid wel paniek, maar biedt ze geen oplossingen?

De overheid heeft duidelijk geïnvesteerd in urgentie:

spotje, folders, website én waarschuwingen

Maar zodra je denkt: “Oké, wat nu?”, blijft het stil.

Het voelt alsof iemand roept:

“PAS OP, ER KOMT EEN GOLF!”  en vervolgens wegloopt zonder te zeggen of je moet duiken, rennen of een surfplank pakken.

Zelfredzaamheid is prachtig, maar alleen als: mensen weten wat ze moeten doen, mensen het kunnen betalen,  mensen er ruimte voor hebben en de overheid meedoet.

Zelfredzaamheid zonder ondersteuning is geen beleid.

Dat is afschuiven met een strik erom.

Wat een serieuze overheid zou doen

betaalbare noodpakketten, centrale distributiepunten, een moderne Bescherming Burgerbevolking en duidelijke, realistische richtlijnen.

Maar dat gebeurt niet. In plaats daarvan krijgen we een boodschappenlijst van duizend euro en de boodschap: “Succes ermee.”

Onze Conclusie

Wij zijn niet tegen voorbereiding.

Wij zijn niet tegen nadenken over risico’s.

Wij zijn niet tegen verantwoordelijkheid nemen.

Maar wij zijn wél tegen een overheid die paniek zaait zonder oplossingen te bieden.

Die burgers opzadelt met dure lijstjes en vervolgens doet alsof dat beleid is.

Die verwacht dat iedereen een halve prepper wordt, terwijl ze zelf geen enkele infrastructuur op orde heeft.

Voorbereiding is goed.

Paniekzaaien is zinloos.

En een overheid die verantwoordelijkheid afschuift, creëert geen veiligheid maar schijnveiligheid.

Tot die tijd blijven wij gewoon wie we zijn: twee nuchtere Nederlanders met gezond verstand, een kritische blik en precies nul jerrycans — en eerlijk gezegd voelt dat voorlopig als de meest realistische vorm van zelfredzaamheid.

Blijf zacht, ook als je het niet met ons eens bent.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Laat hier een berichtje achter: