De laptop en ik: een ingewikkelde relatie

 

De laptop.

Hij hoeft heus geen kunstjes te doen. Geen salto’s, geen hologrammen, geen ingewikkelde menu’s die alleen door NASA‑ingenieurs begrepen worden. Nee hoor, hij moet gewoon doen wat ík wil. Punt. Zodra het te technisch wordt, verandert mijn brein spontaan in een soort mistige polder waar elk knopje verdwijnt in de nevel. En dan ben ik dus bang dat ik het hele apparaat laat crashen. (Is dat woord inmiddels eigenlijk al officieel Nederlands? Of lenen we het nog steeds illegaal uit de IT‑bibliotheek?)

Manlief.

Een schat. Echt waar. Hij staat altijd klaar om alles voor me op te lossen — ook als ik daar helemaal niet om gevraagd heb. Hij vindt het gewoon gezellig als ik het goed heb. Hihi.

Terug naar de laptop

Iemand heeft dat ding ooit voor me ingesteld, maar op zo’n manier dat hij automatisch aangaat zodra ik hem openklap. Alsof hij een overenthousiaste labrador is die roept: “IK BEN ER WEER! WAT GAAN WE DOEN?!”  

Ik vind dat dus onhandig. Iedereen kan zomaar overal bij, en ik kan niet eens rustig een artikel lezen zonder dat het scherm na drie minuten in een soort digitale winterslaap valt. Tenzij ik de muis blijf bewegen alsof ik een zenuwtrek heb.

Ik probeerde het aan te passen, maar na drie klikken was ik alweer de draad kwijt. “Laat maar,” mompel ik dan tegen mezelf, terwijl ik het apparaat dichtklap alsof ik een lastige peuter in de hoek zet.

Natuurlijk vraagt manlief wat er scheelt. Zijn interne radertjes beginnen meteen te zoemen. Maar ik was lichtelijk geïrriteerd, dus ik wuifde hem weg. “Nee, laat maar… ik kom er wel een keer achter. Anders ga ik wel naar het Seniorenweb of zo.”

Hij liet het los — dacht ik.

Het mailtje.

Even later vind ik een mail in mijn inbox met als onderwerp:

“Een hulpje, jij hulpbehoevende.”  

Ik heb hardop gelachen. Hij had tóch even voor me gegoogeld en stuurde een link naar een site vol oplossingen.

Ik heb gekeken. En nee hoor, ik snap er nog steeds geen reet van.

Maar ik heb hem bedankt, en we hebben samen smakelijk gelachen om zijn mailtitel.

En de laptop? Die kijkt me nu vanaf de tafel aan met die blik van: “Zullen we het nog eens proberen?”  

Misschien. Morgen. Of overmorgen. Of nooit.

Blijf zacht

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Laat hier een berichtje achter: