Wat ik me dus regelmatig afvraag: waarom handelen zoveel mensen vanuit angst?
Ik ook hoor — ik ben echt geen spirituele ninja die altijd vanuit haar hart kiest. Soms voelt mijn hart meer als een slecht bereikbare klantenservice: “Al onze medewerkers zijn in gesprek, probeert u het later nog eens.”
Keuzes maken die écht bij mij passen vind ik soms nog knap ingewikkeld. Want ja… dan stel ik misschien iemand teleur. Of nog erger: dan faal ik. Tenminste, dat denk ik dan. Maar is dat eigenlijk wel zo?
Wat angst met ons doet (en waarom dat soms best handig is)
Er is natuurlijk de reële angst: de soort die voorkomt dat je jezelf van een klif af werpt omdat het water er zo idyllisch blauw uitziet. Je lijf gaat dan in de bekende vecht-of-vlucht-modus: hartslag omhoog, spieren strak, zintuigen op scherp. Niet per se gezellig, maar wel nuttig.
Dan heb je de angst voor dingen die niet levensbedreigend zijn, maar wel rete‑spannend. Podiumangst bijvoorbeeld. Je staat niet op het punt om te sterven, maar je lijf denkt van wel. Spieren gespannen, concentratie weg, hersenen op vakantie.
En dan is er nog de angst voor het onbekende. De meest hardnekkige van allemaal. Die blijft bestaan zolang je haar blijft geloven.
Kan angst ook iets opleveren?
Jazeker. Angst is soms gewoon een wegwijzer met de tekst: “Hier valt nog wat te leren.”
Stel dat ik een speech moet geven voor 150 man. Ik weet precies hoe dat voelt: klamme handjes, knoop in mijn maag, het liefst onder een stoel kruipen. Maar als ik het tóch doe, kan ik ontdekken dat het eigenlijk best gaaf is. Of dat het helemaal niks voor mij is — ook goed, dan weet ik dat voortaan.
Waar angst vandaan komt
We worden allemaal geboren met een basispakketje angst: harde geluiden, vallen, plotselinge bewegingen. De rest leren we onderweg.
“Praat niet met vreemden.” → vreemden zijn eng.
“Pas op dat je niet valt.” → ik stap nooit meer op een fiets.
En dan leven we nu ook nog eens in een tijd waarin angst bijna een soort nationale hobby is geworden. Media die roepen dat alles gevaarlijk is: elkaar, eten, het weer, de toekomst. Alles moet gecontroleerd worden. En hoe meer controle, hoe banger we worden.
Dus… wat nu?
Misschien is het leven inderdaad gewoon een groot ganzenbord. Soms sla je linksaf terwijl rechts beter was. Soms moet je terug naar start. Soms zeg je “Nee” — het engste woord in het woordenboek — en ontstaat er ineens ruimte.
Angst roept bij mij vaak “Pas op!”, alsof ik op het punt sta mezelf van een klif te werpen, terwijl ik meestal gewoon een nieuwe afslag neem op het levensganzenbord. Bij mij heet dat stemmetje trouwens Fiepje — een goedbedoelende maar nogal dramatische innerlijke omroepster die overal gevaar ziet, zelfs bij iets simpels als linksaf slaan. Soms luister ik even, soms zucht ik diep en ga ik terug naar start met een mok koffie, en soms voel ik me een ware rebel als ik “Nee” durf te zeggen. Maar hoe dan ook: ik blijf gooien met mijn dobbelsteen en kijk wel waar ik uitkom. Ik zet Fiepje voorlopig in de gevangenis. Twee beurten overslaan.
Blijf zacht

Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Laat hier een berichtje achter: